Het verzet bloeit!

Door Marco Dijkstra

Misschien vind ik een festival wel het leukste wat er is. De muziek, de ontspannen sfeer, onverwachte momenten, vrolijke mensen en ’s ochtends veel te lui en te lang ontbijten tussen de tentjes, terwijl even verderop iets gebeurt waar je eigenlijk heel graag bij wilt zijn. Maar helaas, ik ben aan het opbouwen voor Code Rood, dat is heel iets anders.

Ik geef een high-five aan de enthousiaste jongen die met een enorme rugzak op van zijn fiets springt. Naast het podium verkopen Trudy en Peter al wat drankjes aan de dorstigen onder de vroege vogels. Boven het echtpaar hangt een schildering van een duif op een gitaarhals, een treffende referentie aan Woodstock. Even verderop zet men een gigantische circustent op en achter de vijgenboom gloren al koepeltentjes van de eerste gasten. Heel iets anders dan een festival.

Sommige mensen vinden juist breien het leukste wat er is. Agnes is zo iemand. Agnes maakt kleurrijke kunst met haar naalden en vaak doet ze dat samen met mensen uit heel Nederland. Agnes verwoordt het speelser dan ik ook zou kunnen: Dan is er een netwerk van breiwilligers en die zullen allemaal aanhaken.” Zo ging ze in november 2016 aan de slag, overal in het land werden breicafés georganiseerd, voor Groningen. Talloze lieve briefjes met fleurige lapjes breiwerk werden bij haar thuis afgeleverd. Zoveel dat de kinderen er gek van werden. Agnes maakte ze aan elkaar en dekte er op 4 maart 2017 symbolisch het kleinste huisje van Groningen mee toe. De lapjes bleven komen, en werden uiteindelijk een lap van 500 vierkante meter, die bijna het hele binnenhof bedekte. “Gas, we breien er een einde aan.” Later werd dit gigantische breiwerk omgetoverd tot een verzameling warme dekens, die werden uitgedeeld aan bijvoorbeeld Groningers in noodwoningen. Intussen hield Agnes een dagboek bij.

Het mooiste aan zo’n actie vind ik dat het een positief statement is, en iedereen kan er aan meedoen”, zegt Agnes, die voor Code Rood aan haar breiwilligers vroeg om een spandoekje van 50 bij 50 centimeter op te sturen met hun wens voor Groningen en de aarde. U kunt ook een stuk stof doneren. Dan bevestigen de rebellen het rustig aan het grote spandoek tijdens de actie op 28 augustus.

Weer een ander vindt tuinieren het fijnste wat er is. Mijn moeder is zo iemand. En misschien legde het ook wel de basis voor ‘Bloeiend Verzet’. Sandra Beckerman kwam in actie en creëerde samen met andere Groningers “een bloeiend monument als eerbetoon aan alle strijders tegen gaswinning en schade”. Een bloembollenveld spelde “Kop d’r Veur!” en werd feestelijk geopend. Wees gerust Sandra, het verzet bloeit nog steeds. Letterlijk: de gastvrouw en – heer van het actiekamp willen een permanent aandenken aan Code Rood. Daarom vragen ze iedereen om zaden voor bloemen of groenten mee te nemen, als dank voor het logeren. Dan gaan wij allemaal tuinieren.

Ik schrijf dit alles om maar aan te tonen dat we als beweging ergens vóór strijden. We strijden voor een positieve wereld met 100% hernieuwbare energie, volledig in handen van lokale gemeenschappen; niet alleen maar tegen de fossiele industrie. We komen samen op voor een wereld waar Agnes gewoon kan breien voor haar kinderen, zonder zich zorgen te maken over instortende huizen. We doen het voor een wereld waar Sandra gewoon kan tuinieren en geen aardbevingsslachtoffers hoeft te interviewen voor een zwartboek. En we doen het voor een wereld waarin ik gewoon kan festivallen, met interessante lezingen, heus, maar zonder een dag onderbreking waar we in een wit pak op een rotonde moeten zitten omdat de NAM een provincie sloopt. Maar tot die tijd: Code Rood.

P.S. Deze compilatie is te mooi om niet te delen!